— Haro Kraak

Lekhoofd

‘Ik kan mijn moeder niet uitleggen wat er in mijn hoofd omgaat, wat ik zie, proef, voel en hoor. Het is alsof we in twee treinen zitten die kortstondig naast elkaar rijden, bijna op dezelfde snelheid, waardoor je, juist door de veilige kloof, ongegeneerd naar binnen kunt staren. Je kijkt en je komt heel dichtbij, maar echt contact is onmogelijk, en dan rijdt de trein alweer door en blijf je achter met het vlakke land en het lege uitzicht.’

Noah Kremer kan geluiden proeven en ziet letters en cijfers in kleuren. Samen met zijn vriend Teun gaat hij op een ontdekkingstocht van de zintuigen om de grenzen van de perceptie te verkennen. Intussen stort het disfunctionele gezin Kremer in elkaar.

Anderen over Lekhoofd

Peter Buwalda: ‘Een bijzondere coming of age-roman met een paar scherpe randen.’

Maartje Wortel: ‘Haro Kraak schrijft op overtuigende wijze een kleurrijk verhaal over een gevoelige jongen die zich staande moet weten te houden terwijl de wereld langzaam uit elkaar valt. Een trefzeker debuut.’

Fenna Riethof in AD (****): ‘Het knettert en pulseert van al Noahs zintuiglijke indrukken. Een intrigerende leeservaring.’

Marijn Sikken in een column op Cleeft.nl: ‘Beide vertellers gebruiken verhaal om de wereld te begrijpen. Dat ze hierin een spel spelen, levert innemende personages op. En dat is knap. Maar waar Noah uit ‘Lekhoofd’ zich laat meeslepen door zijn eigen observaties, pik ik dat eerder dan wanneer het meisje uit ‘Het scheve meisje’ dit doet. Is het de leeftijd? Of komt het doordat Noah, ondanks zijn afwijkingen, een vrij normale (namelijk niet-briljant of briljant-bedoelde) puber is?’

Bo van Houwelingen in een recensie (***) in de Volkskrant: ‘voor tieners kan dit freaky element wellicht de doorslag geven om Lekhoofd te gaan lezen. Hun wacht een kleurplaat van de contouren van het leven. Een licht filosofische schets die ze zelf kunnen inkleuren.’

Ika Gerritsen in een recensie in de Boekenkrant (****): ‘Haro Kraak maakt in Lekhoofd vele cirkels rond. Dat doet hij op een doeltreffende manier: de roman is een bijzonder knap gecomponeerd weefwerk van aan elkaar gelinkte thema’s, die steeds terugkomen en ook steeds op nieuwe manieren in elkaar grijpen. (…) Het levert een boek op waarvan nu al gezegd kan worden dat het één van de betere literaire debuten van dit jaar is.’

Sylvia Witteman in een column in de Volkskrant:  ’Kraak heeft een plezierige stijl. De wonderen van de synesthesie beschrijft hij pakkend en ook die wat pompeuze bevlogenheid die intelligente puberjongens nu eenmaal kunnen hebben is heel raak neergezet. Hier en daar moest ik denken aan Oek de Jongs ‘opwaaiende zomerjurken’ (…)  Kraak kan onmiskenbaar goed schrijven.’

Op Mustmag.nl wordt Lekhoofd een van de vier beste debuutromans van dit seizoen genoemd. ‘Dit boek is een topper voor jonge mensen en zet je hoe dan ook aan het denken over de wereld om je heen, maar doet het volgens mij ook zeker niet slecht bij mensen die zelf allang geen puber meer zijn.’

Op Bill.be wordt Lekhoofd getipt als een van drie boeken die onterecht onder de rader zijn gebleven in Vlaanderen.

Lekhoofd werd opgenomen op de longlist van elf boeken voor de ANV Debutantenprijs.

 

Coen Verbraak interviewde me op Radio 1 in Kunststof over Lekhoofd en mijn werk bij de krant.

In gesprek met Ester Naomi Perquin tijdens Nooit meer slapen op Radio 1

Op Radio 4 las ik voor de Slaapservice van Opium fragmenten uit Lekhoofd voor.

Een dubbelinterview met studiegenoot Merlijn Kerkhof in de Folia (vanaf p. 22).

Op Hebban staat een interview en een voorpublicatie van het eerste hoofdstuk.

En lees hier de lezersrecensies op Hebban.

Revisor publiceerde een bewerking van de proloog, een kort verhaal met de titel Geen vindersloon.

CJP onderwierp me aan een zintuiglijk kruisverhoor en interviewde me over debuteren en schrijven.

Hutspot, waar Lekhoofd werd gepresenteerd, interviewde me over het boek.

Zelf schreef ik een stuk in de Volkskrant over de relatie tussen synesthesie en literatuur.

0 comments
Submit comment